Ongeluk tussen auto en motor – 75 % – 25 %

Op 22 mei 2017 vond in de avond een ongeluk plaats tussen een bestuurder van een motor en een automobilist. De motorrijder reed achter de auto. Al rijdende keerde de automobilist op de weg om op de andere weghelft terug te kunnen rijden. Hierbij verleende de automobilist gen voorrang aan de motorrijder. De motorrijder reed tegen de linkerkant van de auto aan en kwam ten val. Door de botsing raakte het gebit van de motorrijder beschadigd.

De motorrijder stelde de automobilist aansprakelijk en de aansprakelijkheid werd erkend. De verzekeraar van de automobilist stelde echter dat de motorrijder (een bepaald deel van) zijn schade vanwege eigen schuld zelf moest betalen. In geschil was daarom de omvang van de aansprakelijkheid van de automobilist.

De rechtbank acht van belang dat de motorrijder onvoldoende heeft geanticipeerd op het verkeer. De motorrijder reed namelijk direct achter de auto, maar had meer afstand moeten houden of zachter moeten rijden. Daarnaast beschikte de motorrijder nog niet over een rijbewijs. Deze omstandigheden kunnen de motorrijder volgens de rechtbank worden toegerekend.

Volgens de rechtbank heeft de automobilist echter in grotere mate bijgedragen aan het ongeluk. De automobilist maakte namelijk plotseling een bijzondere manoeuvre, zonder richting aan te geven.

Ondanks de omstandigheden die aan de motorrijder kunnen worden toegerekend, kan van de motorrijder niet worden verlangd dat hij rekening had moeten houden met het plotselinge keren van de automobilist.

Gelet op de ernst van de over en weer gemaakte verkeersfouten wordt uiteindelijk de omvang van de aansprakelijkheid vastgesteld op 75% voor de automobilist en 25% voor de motorrijder.